Pullmaflex : vlot naar ISO 14001

december 2004

Voortbouwend op de ervaring met het procesmatig opbouwen van een managementsysteem, opgedaan tijdens het halen van een TS 16949, en met de steun van Amelior, haalde Pullmaflex op 10 maanden een ISO 14001.

Pullmaflex maakt veren en veringsystemen voor zetels van personenwagens. Door die activiteit is het tweede- of derdelijnsleverancier van de autombielindustrie. En het is bekend dat die sector heel veeleisend is op het vlak van managementsystemen en certificaten. 

Het bedrijf beschikt dan ook over de ondertussen in de automobielwereld algemeen aanvaarde TS 16949:2002. De weg daar naar toe liep over de in 1996 gehaalde ISO 9001 en de QS 9000. “Toen dat certificaat na drie jaar verlopen was hebben we meteen overgeschakeld naar de TS 16949, aldus kwaliteitsmanager Björn Vansteenkiste.”

Zachte dwang

De gang naar ISO 14001 werd in feite ingezet omdat enerzijds de klanten wel voorzichtig vroegen of er een milieumanagementsysteem werd opgezet en anderzijds omwille van de klant Ford, aan wie een klein percentage van de omzet rechtstreeks wordt geleverd.

Björn Vansteenkiste: “We hadden het specifieke kwaliteitscertificaat Q1 van Ford en kregen van hen te horen dat het zou ingetrokken worden als we tegen een bepaalde datum geen ISO 14001 konden voorleggen. In de nieuwe Q1, die je een beetje als een leveranciersaward kunt beschouwen, waren immers milieunormen opgenomen.We hebben die datum niet kunnen halen omdat we volop bezig waren met de voor ons meer cruciale TS 16949. We zijn de Q1 dus even kwijt geweest, maar dat is ondertussen weer in orde. De combinatie van TS 16949 en ISO 14001 is voor Ford voldoende om de Q1 toegekend te krijgen. We hadden er trouwens op Europees groepsniveau voor geopteerd om allemaal een ISO 14001 te halen.”

Integratie

Een voordeel bij het invoeren van ISO 14001 was in elk geval dat men het procesmatig denken, het procesmatig opmaken van procedures en instructies en het meten al onder de knie had door de oefening met de TS 16949. Van meetaf aan werd er trouwens voor geopteerd de milieuprocedures te integreren in de reeds opgezette processtructuren.

Björn Vansteenkiste: “Omdat we snel wilden gaan hebben we de hulp van Amelior ingeroepen voor begeleiding en opleiding. Zij hebben ons dus ondermeer ondersteund bij de implementatie en bij de bewustmaking van het management. Zij hebben ons uitgelegd wat de norm inhield en wat de gevolgen waren voor de organisatie. De bewustmaking van het personeel hebben we zelf gedaan via onze zesmaandelijkse informatiesessies, de ondernemingsraad en ons eigen bedrijfskrantje.”

Voor de implementatie was er een taakverdeling. Terwijl Björn Vansteenkiste meer verantwoordelijk was voor het systeem zelf, was het de interne milieucoördinator die de zaken in de praktijk toepaste. Periodisch werd op basis van de planning de vooruitgang afgecheckt en gecontroleerd met Amelior.

“Grote moeilijkheden hebben we echt niet gehad. Er kruipt natuurlijk wel behoorlijk wat tijd in de oefening. En je moet de nodige moeite doen om management en personeel mee te krijgen.”

De beide systemen zitten nu geïntegreerd in het eigen BOS-systeem (Business Operating System), waarin ook de bedrijfsrichtlijnen zitten en veiligheidsvoorschriften die buiten de twee normen vallen.

Verbeteringen

De activiteit van Pullmaflex heeft weinig milieu-impact. Aan de basisvereiste van ISO 14001, de conformiteit van de wetgeving, moest dan ook weinig worden gewerkt. Het bedrijf beschikt trouwens ook over een externe milieucoördinator om de milieuzaken op te volgen. Alleen een paar kleine lacunes moesten worden gedicht, zaken waar de Amelior-consultants op wezen. “Blijkbaar kennen ze de milieuwetgeving tot op het bot,” glimlacht Björn Vansteenkiste. “Wat er wel bijkwam was dat we meer moesten registreren, dat we meer bewijzen moesten kunnen voorleggen dat we aan de wetgeving voldeden. Bijvoorbeeld via registraties van milieurondgangen, het op papier zetten van opmerkingen van de externe milieucoördinator enz.”

Ondanks de geringe impact van Pullmaflex op het milieu is er, na inventarisatie van de milieusignificante aspecten, toch een en ander gerealiseerd. “Vooral op gebied van afvalreductie (schroot), ” stelt Björn Vansteenkiste. “Hoewel we dat ook al vanuit onze kwaliteitsdoelstellingen van plan waren.”  

Gevaarlijke stoffen die binnenkomen worden nu opgelijst en in ingekuipte bewaarplaatsen opgeslagen. Verder wordt papier in de bureaus apart gesorteerd. Ook wordt geprobeerd het personeel milieubewuster te laten werken, bijvoorbeeld door hen erop te wijzen dat de magazijnpoorten alleen open mogen staan als het echt moet en dat het eventueel morsen van olie onmiddellijk moet worden gemeld en volgens de procedures moet worden behandeld.

Een project dat op stapel staat is de koeling van de klimaatkamer van de testafdeling. Het koelwater verdwijnt nu nog in de riolering, maar de plannen liggen klaar om met een gesloten circuit te werken. En er is nu ook een milieuteam dat regelmatig samenkomt om verbetervoorstellen uit te werken.

Nieuw zijn ook de milieuobjectieven die de komende maanden zullen gesteld worden. Energie- en papierverbruik werd vroeger alleen opgevolgd in het kader van kostenbewaking, nu zal men systematisch meten en verbeteringsplannen opstellen.

 

PULLMAFLEX

Pullmaflex (Wevelgem) maakt deel uit van de Amerikaanse groep Legett & Plett, dat wereldwijd een 35.000 werknemers telt. Het maakt deel uit van de automotive divisie. In Europa telt die divisie vier productievestigingen naast een aantal technical centres. Wevelgem is zowel productievestiging als technical centre (ontwerp en ontwikkeling) en telt 190 medewerkers. De grootste klanten zijn de zetelproducenten Forecia, Johnson Controls (voormalige ECA), Lear en Keiper.

Björn Vansteenkiste: “Voor bijvoorbeeld een chemisch bedrijf moet ISO 14001 toch wel een zware opgave zijn.”