Beter begrijpen, getuigenis van TE Connectivity Oostkamp over de motivatie om supervisors een basisopleiding veiligheid te laten volgen.

november 2012

“Supervisors die de opleiding Preventieadviseur niveau III hebben gevolgd begrijpen veel beter ons veiligheidssysteem. Het waarom van de instructies wordt duidelijk”, aldus Dany Wille, preventieadviseur van TE Connectivity.

Bij de Brugse (Oostkamp) vestiging van TE Connectivity werken een 700 mensen. Er worden connectoren en inductieve systemen voor de automobielnijverheid geproduceerd. Het bedrijf kan zowel een ISO/TS 16949-certificaat (specifieke kwaliteitsnorm voor de auto-industrie) voorleggen als een ISO 14001 voor milieu, een ISO 50001 voor energie en een OHSAS 18001 voor veiligheid.

In het kader van die veiligheid stuurt het bedrijf regelmatig een drietal cursisten per jaar naar de Amelior-opleiding ‘Preventieadviseur niveau III’. “Dat idee is in feite ontstaan toen ik tijdens een opleiding preventieadviseur niveau II kennis maakte met mensen die aan het hoofd zouden te komen staan van een energiecentrale. Men wou hen, zo bleek, als bedrijfsleider toch een basismaturiteit veiligheid meegeven. Dat gegeven is bij mij blijven hangen”, zegt Dany Wille, de preventieadviseur.

Veiligheidsbeleid doorvertalen naar de werkvloer

Toen TE Connecitivity de betrokkenheid bij veiligheid en het veiligheidsbewustzijn bekeek bleek dat wel goed te zitten voor het hoger leidinggevend niveau, dit via onder meer de goede werking van het CPWB (Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk).

Dany Wille: “Maar dan kom je uit bij de leidinggevenden van kleinere afdelingen en vooral de supervisors, die het veiligheidsbeleid moeten doorvertalen naar de werkvloer. Hen wilden we veiligheidsbewuster maken. De opleiding niveau III laten volgen was een oplossing die we sinds vier jaar geleden hebben uitgeprobeerd met medewerkers van de afdeling plating, de meest risicovolle op vlak van zowel veiligheid als milieu.”

Het nut van de opleiding werd uiteraard geëvalueerd, onder meer via feedback van de cursisten. Een stuk van de opleiding was minder bruikbaar, omdat die betrekking had op taken die de verantwoordelijkheid van de preventieadviseur waren. “Maar belangrijk was dat ze het zorgsysteem dat we hier hadden opgebouwd veel beter begrepen. Door het waarom te kennen hadden ze aan maturiteit gewonnen. En verbeterde ook de communicatie rond veiligheid met hen. Achtergrondgevechten als ‘en waarom moeten we dat doen, we hebben geen tijd’ vielen weg. We kregen zelfs meer verbeteringsvoorstellen.”

Praktisch bruikbare eindwerken

De cursisten mogen zelf het eindwerk kiezen waarmee ze de Amelior-opleiding afsluiten. TE Connectivity vraagt wel dat het in hun afdeling in de praktijk bruikbaar is. Zo heeft iemand een opleiding rond het gebruik van rolbruggen uitgewerkt op basis van de reeds aanwezige documenten en instructies. Die kennis kon in dit geval ook aan andere afdelingen worden doorgegeven. Ook wordt de cursisten gevraagd het eindwerk op het CPWB te presenteren. “Voor het comité is dat een vorm van erkenning van hun eigen werk. En ook voor de cursisten is het een erkenning. Bovendien laten we hen de volledige vergadering bijwonen, zodat ze meemaken wat het comité is en doet en ze kunnen zien dat het geen vrijblijvend theekransje is. En die wetenschap kunnen ze ook uitdragen.”

De supervisors die de opleiding niveau III hebben gevolgd stralen hun ‘veiligheidsovertuiging’ook uit naar hun medewerkers. “Dat is niet echt tastbaar, maar toch o zo belangrijk”, meent Dany Wille. “Als de supervisor een veiligheidsinstructie geeft, zien zijn mensen dat hij het echt meent, dat het een overtuiging is. Dat het niet is van ‘men heeft mij gevraagd om jullie te vragen dat te doen’.

Observatierondgangen

Om de mensen op de werkvloer veiligheidsbewuster te maken lopen tweemaandelijkse campagnes rond een veiligheidsthema. Dat gebeurt via drie kanalen: promotiemateriaal (affiches, schermen), een go-meeting (start-werkoverleg) en een persoonlijk kaartje en een brief van de directie die de medewerkers thuis ontvangen.

“Hoe het thema wordt opgepikt bekijken we ook tijdens de observatierondgangen van onze zestig observatoren. Daar zijn leidinggevenden en supervisors bij, maar de helft zijn mensen van de vloer. Ze opereren per twee en moeten bij elke werkpost vier positieve punten op veiligheidsvlak detecteren en communiceren. Het goede aanmoedigen dus, zodat het veiligheidsbewustzijn nog verhoogt. Dany Wille: “Dat is niet altijd eenvoudig, men is immers van nature geneigd naar het slechte te kijken. Daar is ook wel ruimte voor. Minder goede punten worden ter plaatse door observatoren en operator bijgestuurd.

Bij die observaties wordt rekening gehouden met de zogenaamde high five-gedragsregels die door het CPBW zijn opgesteld: orde en netheid, persoonlijke beschermingsmiddelen, het veilig gebruik van machines en gereedschap, ergonomie en verplaatsing en ten slotte het nemen van de tijd om veilig te handelen.