Welke opleiding veiligheid dient u als preventieadviseur te volgen?
Deze vraag is niet zo eenvoudig te beantwoorden. Om deze vraag te beantwoorden dient u eerst te weten of u werkt in een A, B, C of D-bedrijf. In de daarna volgende tabel ziet u dan aan welke opleidingsvereisten u dient te voldoen.
1. Bent u tewerkgesteld in een A, B, C of D-bedrijf?
|
Sector (*) |
Risicoklasse |
Aard van de onderneming
|
NACE-code beginnend met
|
Personeelsbezetting groepen
|
||
|
C |
B |
A |
||||
|
verhoogd risico |
zeer hoog |
1. Winning van uranium- en thoriumerts
|
07210 |
1 tot 19 |
20 tot 49 |
minstens 50 |
|
2. Vervaardiging van cokes, geraffineerde aardolieproducten en splijt- en kweekstoffen |
19100, 19200, 20130, 21209, 24460, 38222
|
|||||
|
3. Vervaardiging van chemische basisproducten
|
191, 201 |
|||||
|
4. Vervaardiging van verdelgingsproducten en van chemische producten voor de landbouw |
202 |
|||||
|
5. Vervaardiging van kruit en springstoffen
|
2051 |
|||||
|
6. Vervaardiging van lijm en gelatine
|
2059 |
|||||
|
7. Vervaardiging van etherische oliën
|
2053 |
|||||
|
8. Vervaardiging van diverse chemische producten
|
2059 |
|||||
|
hoog |
1. Houtindustrie en vervaardiging van artikelen van hout, kurk, riet en vlechtwerk |
16, 412, 43320 |
1 tot 49 |
50 tot 199 |
minstens 200 |
|
|
2. Vervaardiging van verf, vernis en drukinkt
|
203 |
|||||
|
3. Farmaceutische nijverheid |
21, 325 |
|||||
|
4. Vervaardiging van zeep, was- en poetsmiddelen, parfums en cosmetische artikelen |
204 |
|||||
|
5. Vervaardiging van fotochemische producten
|
2059 |
|||||
|
6. Vervaardiging van ongebruikte informatiedragers
|
268 |
|||||
|
7. Vervaardiging van synthetische en kunstmatige
vezels |
206 |
|||||
|
8. Vervaardiging van overige niet-metaalhoudende
minerale producten |
23, |
|||||
|
9. Metallurgie |
24 |
|||||
|
10.Vervaardiging van producten van metaal
|
25, 33 |
|||||
|
11.Vervaardiging van machines, apparaten en werktuigen (m.u.v. huishoudapparaten) |
28, 33, 254 (behalve 275) |
|||||
|
12.Vervaardiging van transportmiddelen
|
29, 30, 331 |
|||||
|
13.Vervaardiging van houten meubels
|
30, 31, 952(gedeeltelijk) |
|||||
|
14. Productie en distributie van elektriciteit, gas,
stoom en warm water |
35 |
|||||
|
bouw |
hoog |
15. Bouwnijverheid |
41, 42, 43 |
|||
|
verhoogd risico |
gemiddeld |
1. Vervaardiging van voedings- en genotmiddelen
|
10, 11, 12 |
1 tot 99 |
100 tot 499 |
minstens 500 |
|
2. Vervaardiging van textiel en kleding
|
13, 14 |
|||||
|
3. Leernijverheid en vervaardiging van schoeisel
|
15 |
|||||
|
4. Papier- en kartonnijverheid, uitgeverijen en
drukkerijen |
17, 18, 58 |
|||||
|
5. Rubber- en kunststofnijverheid
|
22 |
|||||
|
6. Vervaardiging van huishoudelijke apparaten
|
275 |
|||||
|
7. Vervaardiging van elektrische en elektronische
apparaten |
26, 27, 28 |
|||||
|
8. Vervaardiging van niet-houten meubels
|
31 (gedeeltelijk) |
|||||
|
9. Overige bewerkende en verwerkende industrie
|
22, 25, 32, 38 |
|||||
|
10. Winning, zuivering en distributie van water
|
36 |
|||||
|
laag risico |
laag |
niet hierboven vermelde ondernemingen
|
|
1 tot 199 |
200 tot 999 |
minstens 1000 |
De D-groep werd niet expliciet opgenomen in de hierna volgende tabel. Zij vormen immers een onderdeel van de groep C, namelijk die bedrijven met een personeelsbezetting van minder dan 20 werknemers en waar de werkgever zelf de taak van preventieadviseur van de interne dienst waarneemt.
Wanneer u dat wenst, kunt u meer info vinden over de NACE codes op www.vlaanderen.be (gemakkelijkst te vinden via de zoekfunctie op die site).
En wat indien uw bedrijf verschillende ‘technische bedrijfseenheden’ heeft?
Sommige bedrijven bestaan uit één juridische entiteit (NV, BVBA, …), maar hebben meerdere technische bedrijfseenheden.
Daarbij is de algemene stelregel dat interne diensten voor preventie worden opgericht naargelang de structuur van de Comités Preventie en Bescherming (= de vroegere ‘comités veiligheid’).
Indien u dus één juridische entiteit vormt, met drie technische bedrijfseenheden, met in totaal twee comité’s, dient u twee interne diensten preventie en bescherming te hebben, die hierbij dezelfde afdelingen beslaan als de respectievelijke comités Wat opleidingsvereisten betreft, wordt iedere interne dienst als afzonderlijk beschouwd.
(De verhoudingen en taakverdeling tussen de centrale interne dienst en de afdelingen, dient door de onderneming te worden vastgesteld, na advies van het Comité Preventie en Bescherming.
Daarbij moet de preventieadviseur van een interne dienst werkzaam zijn in die afdeling waarvoor de interne dienst is opgericht. Hij mag ook werkzaam zijn in een andere afdeling, maar dan niet als preventieadviseur.)
Indien u nog vragen heeft over deze specifieke problematiek, denk ik dat het beste antwoord te vinden is bij uw externe dienst voor preventie en bescherming (de vroegere ‘arbeidsgeneeskundige dienst’).
2. Aan welke opleidingseisen dient u als preventieadviseur te voldoen?
|
Bedrijf |
Bedrijf |
Bedrijf |
Bedrijf |
|
Diensthoofd interne dienst preventie en bescherming op het werk |
Niveau I |
Niveau II |
Basisvorming |
Basisvorming |
|
Adjunct van het diensthoofd |
Niveau II |
Basisvorming |
Basisvorming |
