GHS zorgt voor uniforme informatie

januari 2007

Met het Global Harmonized System (GHS-EU) krijgen we eindelijk uniforme classificatie van en informatie over chemische stoffen en hun gevaren. Het is de bedoeling dat Reach (Registratie, Evaluatie en Autorisatie van Chemische Stoffen) en GHS-EU gelijktijdig van kracht gaan dit voorjaar.

Globally Harmonized System of Classification and Labelling of Chemicals

GHS (Globally Harmonized System of Classification and Labelling of Chemicals) legt de criteria vast voor de classificatie van chemicaliën op basis van de intrinsieke gevaarseigenschappen (“health, environmental and physical hazards”) en bepaalt de elementen vereist voor een geharmoniseerde communicatie via etikettering en veiligheidsinformatiebladen (Safety Data Sheets, SDS). Door implementatie in de Europese regelgeving zal het GHS-EU systeem in 2008 in alle lidstaten operationeel zijn.

De belangrijkste doelstellingen van GHS zijn samengevat:

  • verhogen van de bescherming van mens en milieu door middel van een internationaal begrijpbaar systeem voor gevaarscommunicatie;
  • een raamwerk bieden voor landen die niet beschikken over een systeem inzake gevaarsclassificatie en -communicatie;
  • reduceren van testen en evaluaties van chemische stoffen;
  • bevorderen van internationale handel in chemische stoffen waarvan de gevaren op een gepaste wijze zijn onderzocht en geëvalueerd op een internationale basis.

Door de jaren heen hebben heel wat landen en organisaties wetten en reglementen vastgelegd die bepalen welke informatie vereist is en dient gecommuniceerd te worden via etikettering en veiligheidsinformatiebladen (Safety Data Sheets, SDS). Ook al zijn de bestaande reglementeringen en wetten in vele aspecten gelijk, toch zijn er heel wat signifi cante verschillen in etikettering en SDS van dezelfde producten in de verschillende landen. Door een verschil in de gebruikte defi nities voor de gevaarseigenschappen, kan voor het ene land een bepaald chemisch product gevaarlijk zijn en voor een ander land niet. Ook de afspraken omtrent het wanneer en hoe communiceren van gevaarseigenschappen verandert van land tot land. Bijgevolg moeten bedrijven die internationale handel drijven, vaak over een groep van experts beschikken die de veranderingen in wetgeving en regelgeving op de voet volgt en etiketten en SDS opmaakt die hiermee conform zijn. Tenslotte dient ook gezegd dat er zelfs landen zijn zonder een systeem voor classificatie en etikettering. Gezien de toenemende internationale handel in dergelijke producten en de noodzaak van veilig gebruik, transport en opslag, is de behoefte aan een internationaal geharmoniseerd systeem voor de classificatie, etikettering en gebruik van SDS een evidentie.

Zo'n geharmoniseerd classificatiesysteem is een geschikte basis voor de uitvoer van risicoanalyses en programma's voor een veilig management van chemicaliën. Harmonisatie zal ook baten opleveren aan de handelszijde. GHS zal internationale handel vergemakkelijken want zij zorgt voor een grotere consistentie rond gevaarscategorieën en communicatie tussen de verschillende handelspartners op de internationale markt. Zij zullen kosten kunnen sparen omdat zij de informatie over de gevaarseigenschappen van hun chemische stoffen en mengsels niet moeten herbekijken in functie van de set van criteria die in een ander classificatiesysteem wordt gehanteerd. De baten van de ondernemingen zullen stijgen naarmate het aantal landen dat GHS implementeert in de wereld.

Meer gevaarsklassen

Het bestaande classificatiesysteem en GHS-EU zijn conceptueel gelijkaardig en omvatten dezelfde elementen. Voor bepaalde gevarencategorieën gelden voor het Europees systeem en GHS-EU dezelfde criteria, voor anderen is dat niet zo. Bovendien zijn er ook verschillen in de grenswaarden (cut-off values) van deze criteria.

GHS-EU heeft additionele gevaarsklassen gedefinieerd, het Europese systeem heeft 15 gevarencategorieën, terwijl GHS-EU 28 gevarenklassen telt, namelijk 16 voor fysico-chemische gevaren (EU-systeem: 5 categoriën), 10 voor de gevaren voor de gezondheid (EU-systeem 9 categorieën) en 2 voor de milieugevaren (EU-systeem: 1 categorie).

a) Physical hazards

De testmethoden en classificatie voor de fysisch-chemische eigenschappen van stoffen en mengsels in GHS-EU zijn gebaseerd op deze van UN Recommendations on the Transport of Dangerous Goods, Manual of Test Criteria en verschillen dus van het huidige Europese systeem voor opslag en gebruik. Betreffende de classificatie zijn er dus te verwachten verschillen, maar deze worden verondersteld geen belangrijke gevolgen te hebben.

b) Health hazards

In tegenstelling tot het Europese systeem, schrijft GHS-EU geen specifi eke testmethoden voor, maar laat het gebruik van alle wetenschappelijk gevalideerde informatie toe. De geldige beschikbare methoden voor de classificatie van mengsels zijn in beide systemen structureel gelijk, maar binnen GHS-EU werd een hiërarchie vastgelegd. Het testen van CMR-eigenschappen van mengsels is toegelaten binnen GHS-EU, maar niet in het huidige Europese systeem. GHS-EU en het huidige Europese systeem is voor sommige categorieën verschillend betreffende het aantal en ook de grenswaarden. Anders dan het Europees systeem, onderscheidt GHS-EU gescheiden klassen voor acuut toxische effecten en systemische toxiciteit (“systemic toxicity” of “specific target organ toxicity” genoemd).

c) Environment hazard

De classificatiecriteria van beide systemen voor aquatische toxiciteit verschillen in mindere mate, maar GHS-EU maakt een onderscheid tussen acute en chronische toxiciteit in tegenstelling met het huidige systeem. Binnen GHS-EU is er geen sprake van terrestrische toxiciteit, maar er zijn nu experten bezig met de ontwikkeling van een classificatie- en labellingsysteem voor terristrische milieugevaren (“terrestrial environmental hazards”).

Etiket

Voor de professionele gebruikers van stoffen en mengsels trekt het etiket als eerste de aandacht met de meest belangrijke informatie over de gevaren van een stof of mengsel.In een volgende stap gaat men de gedetailleerde informatie van de veiligheidsinformatiebladen raadplegen. GHS beschrijft de verschillende elementen van het etiket in detail. Deze bestaan uit: gevaarspictogram(men), signaalwoord, gevaarszin(nen) (Hazard statements), product identifi catie (product identifi er), voorzorgsmaatregelen (Precautionary statements) en gegevens over de leverancier (naam, adres, telefoonnummer). De belangrijkste verschillen met het huidige systeem zijn de nieuwe gevaarssymbolen en de pictogrammen bestaande uit het gevaarssymbool en andere grafi sche elementen. R- en S-zinnen verdwijnen en worden vervangen door een signaalwoord en H- en P-zinnen (Hazard en Precautionnary statements). GHS introduceert het signaalwoord “danger” of gevaar voor de meest gevaarlijke categorie binnen een klasse en “warning” of waarschuwing voor de minder gevaarlijke categorie binnen die klasse.

Er zijn twee opvallende pictogrammen:

Het nieuwe pictogram vervangt het huidige St-Andries kruis (zie rechts). Het pictogram wordt gebruikt bij de lagere gevaarsklasse voor verschillende gezondheidsgevaren 
Dit nieuwe pictogram wordt gebruikt bij de hogere klassen van verschillende gezondheidsgevaren. 

De structuur en de inhoud van het veiligheidsinformatieblad, zoals bepaald in de huidige Europese regelgeving, verandert niet binnen GHS-EU.

Building block-benadering

Gezien GHS een systeem is dat zich richt naar verschillende doelgroepen, o.a. consumenten, werknemers, transporteurs en hulpverleners, heeft men gekozen voor de building block-benadering. Deze laat landen toe om het systeem aan te passen in functie van de doelgroep, hun verschillend wettelijk kader en beschermingsniveau. Ook in het huidige Europese systeem hangt de informatie die meegedeeld wordt af van het doelpubliek. Maar eenmaal de wetgever de gevaarsklasse of - categorie heeft bepaald, dient men wel de criteria te gebruiken die vastliggen in GHS-EU.

Landen zijn vrij om te bepalen welk van de “building blocks” zullen geïmplementeerd worden in de verschillende onderdelen van hun systeem, doch deze moet consistent zijn. De elementen binnen GHS kan men dus zien als een geheel van verschillende “building blocks” waarop de overheden zich kunnen baseren bij hun regelgeving. Zolang de gevaren gedekt zijn bij de specifi eke sectoren, kan men spreken van een consistente toepassing van de GHS-criteria en -eisen.

Overgangsperiode

De implementatieperiode die vooropgesteld wordt voor chemische stoffen is 3 jaar en voor mengsels is dat 7 of 8 jaar (3 + 4 of 5) na het van kracht gaan van de Reachverordening. Gezien de classificatie van de mengsels afhangt van deze van de individuele stoffen, zullen de nieuwe criteria eerst toegepast dienen te worden op stoffen en daarna pas op mengsels. Tijdens de transitieperiode kan het bedrijf kiezen om ofwel alleen het nieuwe ofwel nieuwe en huidige systeem tegelijk toe te passen, zodat elk bedrijf kan kiezen voor de meest effi ciënte aanpak en effi ciënt gebruik van middelen. De bepaling van de transitieperiode is een evenwichtsoefening tussen enerzijds het vermijden van verwarring als er twee systemen gangbaar zijn, en anderzijds voldoende tijd geven zodat ondernemingen de werkoverlast kunnen managen ten gevolge van de herclassificatie. Men schat dat de volledige implementatie van GHS-EU zal leiden tot een stijging van het aantal geclassificeerde mengsels te wijten aan de nieuwe “cut-off values” en nieuwe calculatiemethoden. Het aantal chemische stoffen die men volgens het nieuwe systeem gaat classificeren, zou niet echt veranderen. Het blijft uiteraard mogelijk dat sommige stoffen en mengsels in een andere classificatieklasse vallen dan onder het huidige EU-systeem.

Gevolgen voor de regelgeving

De implementatie van GHS-EU zal uiteraard een invloed hebben op heel wat bestaande regelgeving (downstream legislation). We denken dan in eerste instantie aan de Europese richtlijnen inzake chemische stoffen en preparaten, respectievelijk Richtlijnen 67/548EEC en 1999/45/ EC, uiteraard ook regelgeving en richtlijnen inzake Safety Data Sheets (2001/58/EC; 91/155/EEC; 1999/45/ EC; 67/548/EEC), richtlijnen rond het uitvoeren van risico-analyses van chemicaliën (93/67/EEC, 67/548/ EEC, 793/93/EEC), richtlijnen rond pesticiden (91/414/EEC, 67/548/ EEC, 199/45/EC), biociden (98/8/EC, 67/548/EEC, 1999/45/EC), import en export van gevaarlijke chemicaliën (2003/304/EEC), bescherming van de werknemers (90/394/EEC, 92/85/EEC, 94/33/EC, 98/24/EC), signalisatie (89/391/EEC, 92/58/ EEC, 67/548/EEC, 88/379/EEC), Ecolabel (92/880/EEC), veiligheid van speelgoed (88/378/EEC), aërosolspuitbussen (75/324/EEC), cosmetica (76/768/EEC, 2003/15/ EC), gevaarlijk afval (91/689/EEC), afval van elektronische apparatuur (2002/96/EC), transport van gevaarlijke goederen (94/55/EC, ADR, RID), etc. De Europese Commissie wil met GHS-EU het beschermingsniveau van de bestaande regelgevingen behouden, zodat afspraken die hieromtrent eerder zijn vastgelegd maar niet zijn opgenomen in GHS-EU blijven gelden.

Het feit dat men in sommige regelgevingen refereert naar een classificatie, betekent niet automatisch dat deze regelgeving dient te worden aangepast. De reden hiervoor is dat in vele gevallen in de “downstream” regelgeving, de verplichtingen gebaseerd zijn op risico's en niet op gevaren. Bovendien kan men de “downstream” regelgeving in twee groepen indelen: ofwel refereert deze naar specifi eke klassen of R-zinnen, ofwel refereert deze algemeen naar “gevaarlijk”. Bijgevolg kan regelgeving wijzigen via amendementen van GHS-EU ofwel zal men in bepaalde gevallen specifi eke amendementsvoorstellen aan regelgeving dienen op te maken om de nodige veranderingen aan te brengen tengevolge van GHS-EU. Een Europese studie toont aan dat de potentiële effecten op de meeste EU-regelgeving eerder marginaal zijn en kunnen beperkt gehouden worden. Een voorbeeld van een richtlijn waar de vertaling van de specifi eke gevaren niet zo rechtlijnig zal verlopen is SEVESO II (1996/82/EC), richtlijn ter voorkoming van zware ongevallen waarbij gevaarlijke producten in bepaalde hoeveelheden zijn betrokken. Deze richtlijn is van toepassing op alle stoffen vermeld in de lijst van Annex I, maar eveneens op alle stoffen en preparaten die zich in een bepaalde klasse bevinden. Er zullen zich vooral problemen voordoen bij “downstream” regelgeving waarin sprake is van classificatie met bepaalde grenswaarden (cut-off limits) opgenomen in andere classificatiesystemen, zoals de SEVESOregelgeving en VLAREM II.

Trainingen en tools

Gezien de complexiteit van de classificatie van mengsels en om homogene resultaten te bekomen, zal men op Europees niveau training moeten voorzien. Computergebaseerde berekeningsprogramma's en classificatietools zijn hierbij zeer belangrijk, zeker voor de KMO's en overheden. Als zo'n tools ontwikkeld worden, moeten ze op de markt zijn nog voor de implementatie van GHS. Zo'n tools zouden op Europees niveau kunnen worden ontwikkeld en ter beschikking worden gesteld aan de industrie. Op die manier zou men ook een zekere standaard introduceren. Op bedrijfsniveau zal men de trainingsbehoefte moeten identificeren voor de verschillende doelgroepen (werknemers, noodverleners, personen betrokken bij transport en opslag/levering, personeel die etiketten en SDS opmaken), zodat een goede interpretatie van etiketten en SDS kan gegarandeerd worden. Want het trainen van de gebruikers van gevaarsinformatie maakt integraal deel uit van de gevaarscommunicatie. Men zal ook een strategie moeten inbouwen om de consument te informeren en op te leiden in de interpretatie van een etiket.

Dit artikel werd geschreven in opdracht van Amelior.


Lees hier andere artikels van deze auteur...

Contacteer de auteur...

Op de hoogte blijven van onze opleidingen?

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Recente blogs